ATEX in gewone taal
De ATEX-richtlijn, formeel Richtlijn 2014/34/EU, is de EU-productwet voor apparaten en beveiligingssystemen bedoeld voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen: plaatsen waar brandbare gassen, dampen, nevels of stof vermengd met lucht tot ontsteking kunnen komen en zich door het hele onverbrande mengsel kunnen voortplanten (art. 2, punten 4 en 5). Zij is van toepassing op de apparaten zelf, op de beveiligingssystemen die een explosie tot stilstand brengen of beperken, op de veiligheids-, controle- en regelvoorzieningen die buiten de atmosfeer staan maar dergelijke apparaten veilig houden, en op de onderdelen die erin zijn ingebouwd (art. 1, lid 1). Producten mogen alleen op de markt worden aangeboden en in bedrijf worden gesteld als zij, naar behoren geïnstalleerd, onderhouden en gebruikt als beoogd, aan de richtlijn voldoen (art. 3, lid 1), en zij moeten voldoen aan de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen van bijlage II die op hen van toepassing zijn (art. 4).
De tekst van 2014 is een herschikking van Richtlijn 94/9/EG, afgestemd op het nieuwe wetgevingskader, met toevoeging van de verplichtingen van de marktdeelnemers, de traceerbaarheid en de markttoezichtprocedures die zij deelt met de andere CE-markeringsrichtlijnen. Als richtlijn werkt zij via nationaal recht: de lidstaten moesten haar uiterlijk op 19 april 2016 omzetten en vanaf 20 april 2016 toepassen (art. 42), toen Richtlijn 94/9/EG werd ingetrokken (art. 43). De afzonderlijke werkplekrichtlijn 1999/92/EG vult de verantwoordelijkheden van fabrikanten onder Richtlijn 2014/34/EU aan door de verantwoordelijkheden van werkgevers vast te leggen, en de ATEX-richtlijn laat de lidstaten vrij om werknemers die de producten gebruiken te beschermen, zolang de producten niet worden gewijzigd (art. 3, lid 2).
Officiële tekst Lees de richtlijn op EUR-Lex: Richtlijn 2014/34/EU (CELEX 32014L0034), of de geconsolideerde tekst van 30 mei 2026 die de noodprocedures voor de interne markt bevat.
Toepassingsgebied
Onder apparaten worden verstaan machines, toestellen, vaste of verplaatsbare inrichtingen, regel- en meetapparatuur en detectie- of preventiesystemen die, afzonderlijk of gezamenlijk, bedoeld zijn voor de opwekking, overbrenging, opslag, meting, regeling en omzetting van energie of voor de verwerking van materiaal en die door hun eigen potentiële ontstekingsbronnen een explosie kunnen veroorzaken (art. 2, punt 1). Beveiligingssystemen zijn andere inrichtingen dan onderdelen van apparaten, bedoeld om beginnende explosies onmiddellijk tot stilstand te brengen of het effectieve bereik van een explosie te beperken, die afzonderlijk als autonome systemen op de markt worden aangeboden (art. 2, punt 2), en onderdelen zijn elementen die essentieel zijn voor de veilige werking van apparaten en beveiligingssystemen maar geen autonome functie hebben (art. 2, punt 3). Het beoogde gebruik is wat de fabrikant voorschrijft door het apparaat een groep en categorie toe te kennen of door de informatie te verstrekken die nodig is voor de veilige werking van een beveiligingssysteem, voorziening of onderdeel (art. 2, punt 9).
Artikel 1, lid 2, sluit uit: medische hulpmiddelen bedoeld voor gebruik in een medische omgeving, apparaten en beveiligingssystemen waarbij het explosiegevaar uitsluitend voortvloeit uit explosieve of onstabiele chemische stoffen, apparaten voor huishoudelijke en niet-commerciële omgevingen waar slechts zelden een explosieve atmosfeer kan ontstaan door toevallig ontsnappen van brandstofgas, persoonlijke beschermingsmiddelen die onder Richtlijn 89/686/EEG vallen (ingetrokken bij Verordening (EU) 2016/425 met ingang van 21 april 2018, zodat de verwijzing wordt gelezen als een verwijzing naar die verordening, Verordening (EU) 2016/425, art. 46), zeeschepen en mobiele offshore-eenheden met hun apparaten aan boord, vervoermiddelen voor personen of goederen door de lucht, over de weg, het spoor of het water, en apparaten die onder artikel 346, lid 1, onder b, VWEU vallen. Voertuigen die bedoeld zijn voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen, zijn uitdrukkelijk niet uitgesloten (art. 1, lid 2, onder f).
De verplichtingen rusten op de marktdeelnemers: fabrikant, gemachtigde, importeur en distributeur (art. 2, punt 16). Fabrikant is eenieder die een product vervaardigt of laat ontwerpen of vervaardigen en het onder zijn eigen naam of merk verhandelt of voor eigen gebruik bestemt (art. 2, punt 12), en een importeur of distributeur die onder zijn eigen naam of merk verkoopt of een product wijzigt op een wijze die de conformiteit kan beïnvloeden, neemt de verplichtingen van de fabrikant over (art. 10). Sinds 16 juli 2021 vereist Verordening (EU) 2019/1020, die de richtlijn vermeldt in punt 53 van bijlage I, ook dat een in de Unie gevestigde marktdeelnemer, hetzij fabrikant, importeur, gemachtigde of fulfilmentdienstverlener, verantwoordelijk is voor de conformiteitstaken van artikel 4 ervan voordat het product op de markt mag worden gebracht (Verordening (EU) 2019/1020, art. 4, leden 1, 2 en 5).
Wat u moet doen
Apparatengroepen en categorieën
Bijlage I stelt de criteria vast die de categorie binnen elke groep bepalen. Apparatengroep I omvat apparaten voor ondergrondse mijnwerken en delen van bovengrondse installaties van mijnen die door mijngas en/of brandbaar stof in gevaar kunnen worden gebracht: categorie M1 waarborgt een zeer hoog beveiligingsniveau en moet functioneel blijven, zelfs bij zeldzame incidenten met een explosieve atmosfeer aanwezig, met ofwel een tweede onafhankelijk beveiligingsmiddel ofwel bescherming tegen twee onafhankelijke storingen; categorie M2 waarborgt een hoog beveiligingsniveau en is bedoeld om te worden uitgeschakeld wanneer een explosieve atmosfeer optreedt (art. 2, punt 6, en bijlage I, punt 1). Apparatengroep II omvat apparaten voor andere plaatsen die door explosieve atmosferen in gevaar kunnen worden gebracht: categorie 1 voor gebieden waar explosieve atmosferen van gassen, dampen, nevels of stof voortdurend, gedurende lange perioden of vaak aanwezig zijn, categorie 2 voor gebieden waar zij incidenteel kunnen optreden, en categorie 3 voor gebieden waar zij onwaarschijnlijk zijn of slechts zelden en gedurende korte tijd optreden (art. 2, punt 7, en bijlage I, punt 2). Elke categorie moet ook voldoen aan de aanvullende eisen van bijlage II, punt 2, voor de groep en categorie ervan (bijlage I).
Essentiële gezondheids- en veiligheidseisen en geharmoniseerde normen
Bijlage II gaat uit van het beginsel van geïntegreerde explosieveiligheid: de fabrikant moet vóór alles het ontstaan van explosieve atmosferen die door het apparaat worden geproduceerd of vrijgegeven, voorkomen, de ontsteking ervan voorkomen rekening houdend met elke elektrische en niet-elektrische ontstekingsbron, en, mocht zich toch een explosie voordoen, deze onmiddellijk tot stilstand brengen en/of het bereik van explosievlammen en -drukken beperken tot een voldoende veiligheidsniveau (bijlage II, punt 1.0.1). Producten moeten worden ontworpen na een deugdelijke analyse van mogelijke bedrijfsstoringen en van redelijkerwijs te voorzien verkeerd gebruik (punt 1.0.2), voor bijzondere controle- en onderhoudsomstandigheden (punt 1.0.3) en voor werkelijke of te voorziene omstandigheden van de omgeving (punt 1.0.4). De gemeenschappelijke eisen dekken vervolgens markering (punt 1.0.5), instructies (punt 1.0.6), materiaalkeuze (1.1), ontwerp en constructie (1.2), potentiële ontstekingsbronnen (1.3), gevaren door externe invloeden (1.4), veiligheidsgerelateerde voorzieningen (1.5) en de integratie van veiligheidseisen in het systeem (1.6), gevolgd door de aanvullende eisen voor elke groep en categorie (punt 2) en voor beveiligingssystemen (punt 3).
Producten die conform zijn met geharmoniseerde normen, of delen daarvan, waarvan de referenties in het Publicatieblad zijn bekendgemaakt, worden vermoed te voldoen aan de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen die door die normen worden gedekt (art. 12, lid 1); bij ontbreken van geharmoniseerde normen brengen de lidstaten de relevante nationale normen en technische specificaties onder de aandacht van de betrokken partijen (art. 12, lid 2). De ATEX-pagina van de Europese Commissie noemt CEN/TC 305 en CENELEC CLC/TC 31 als de comités die de geharmoniseerde normen ontwikkelen en publiceert de ATEX-richtsnoeren, waarvan de pagina de zesde editie dateert op januari 2026.
Conformiteitsbeoordeling per groep en categorie
Artikel 13 brengt de procedures exact in kaart. Voor de apparatengroepen I en II, categorieën M1 en 1, gebruikt de fabrikant EU-typeonderzoek door een aangemelde instantie (bijlage III, module B) gecombineerd met ofwel typeovereenstemming op basis van kwaliteitsborging van het productieproces (bijlage IV, module D) ofwel typeovereenstemming op basis van productverificatie (bijlage V, module F) (art. 13, lid 1, onder a). Voor de categorieën M2 en 2 gebruiken verbrandingsmotoren en elektrisch materieel EU-typeonderzoek gecombineerd met ofwel typeovereenstemming op basis van interne productiecontrole plus gecontroleerde productbeproeving (bijlage VI, module C1) ofwel typeovereenstemming op basis van productkwaliteitsborging (bijlage VII, module E), terwijl ander materieel in die categorieën interne productiecontrole gebruikt (bijlage VIII, module A) en de technische documentatie meedeelt aan een aangemelde instantie, die de ontvangst zo spoedig mogelijk bevestigt en deze bewaart (art. 13, lid 1, onder b). Voor apparatengroep II, categorie 3, is de route uitsluitend interne productiecontrole (art. 13, lid 1, onder c). Voor elke groep mag in plaats daarvan conformiteit op basis van eenheidskeuring door een aangemelde instantie worden gevolgd (bijlage IX, module G) (art. 13, lid 1, onder d). Beveiligingssystemen volgen de routes van categorie M1 en 1 of eenheidskeuring (art. 13, lid 2), en de veiligheidsaspecten van bijlage II, punt 1.2.7, mogen daarnaast bijlage VIII volgen (art. 13, lid 4).
Onderdelen volgen dezelfde procedures, met dien verstande dat de CE-markering niet wordt aangebracht en geen EU-conformiteitsverklaring wordt opgesteld; de fabrikant geeft een schriftelijk conformiteitsattest af met de kenmerken van het onderdeel en hoe het moet worden ingebouwd (art. 13, lid 3). Op een naar behoren gemotiveerd verzoek mogen de bevoegde autoriteiten op hun grondgebied het op de markt brengen en in bedrijf stellen toestaan van producten die geen onderdeel zijn en waarvoor de procedures niet zijn toegepast, wanneer het gebruik ervan in het belang is van de bescherming (art. 13, lid 5). Documenten en correspondentie voor de procedures worden opgesteld in een door de lidstaat bepaalde taal (art. 13, lid 6); in Denemarken worden zij opgesteld in het Deens of het Engels (uitvoeringsbesluit nr. 484 van 28 mei 2026, § 31). Aangemelde instanties worden aangewezen en gecontroleerd door de nationale aanmeldende autoriteiten op grond van de artikelen 17 tot en met 33, die de eisen voor aangemelde instanties en hun operationele verplichtingen vaststellen.
Technische documentatie, EU-conformiteitsverklaring en markering
De fabrikant stelt de technische documentatie op waarnaar de bijlagen III tot en met IX verwijzen en voert de relevante conformiteitsbeoordelingsprocedure uit of laat deze uitvoeren (art. 6, lid 2). Onder module A moet de documentatie het mogelijk maken de conformiteit te beoordelen, een deugdelijke analyse en beoordeling van de risico’s bevatten, en ten minste een algemene beschrijving, conceptuele ontwerp- en fabricagetekeningen en -schema’s, de uitleg die nodig is om deze te begrijpen, de lijst van geheel of gedeeltelijk toegepaste geharmoniseerde normen of de in plaats daarvan gekozen oplossingen, ontwerpberekeningen en -onderzoeken, en beproevingsverslagen bevatten (bijlage VIII, punt 2). De fabrikant bewaart de technische documentatie en de EU-conformiteitsverklaring of het conformiteitsattest gedurende 10 jaar nadat het product op de markt is gebracht (art. 6, lid 3).
De EU-conformiteitsverklaring verklaart dat is aangetoond dat aan de eisen van bijlage II is voldaan, volgt het model van bijlage X, bevat de elementen die in de relevante modules zijn gespecificeerd, wordt voortdurend bijgewerkt en wordt vertaald in de talen die worden vereist door de lidstaat waar het product op de markt wordt gebracht of aangeboden; wanneer meerdere Uniehandelingen een verklaring vereisen, wordt één verklaring opgesteld die ze allemaal dekt, en door deze op te stellen neemt de fabrikant de verantwoordelijkheid voor de conformiteit op zich (art. 14). Een kopie van de verklaring of het attest vergezelt elk product, of één kopie per partij of zending die aan één gebruiker wordt geleverd (art. 6, lid 2).
De CE-markering valt onder de algemene beginselen van artikel 30 van Verordening (EG) nr. 765/2008 (art. 15) en wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar aangebracht op het product of het gegevensplaatje ervan vóór het op de markt brengen, of op de verpakking en begeleidende documenten wanneer de aard van het product dit niet toelaat (art. 16, leden 1 en 2). Zij wordt gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde instantie wanneer deze betrokken is bij de productiecontrolefase, vervolgens door de specifieke explosieveiligheidsmarkering, de symbolen van de apparatengroep en categorie en de overige markeringen en informatie van bijlage II, punt 1.0.5 (art. 16, leden 3 en 4). Dat punt vereist de naam, geregistreerde handelsnaam of het merk en adres van de fabrikant, de CE-markering, de aanduiding van de serie of het type, het partij- of serienummer indien van toepassing, het bouwjaar, de specifieke explosieveiligheidsmarkering gevolgd door het symbool van de groep en categorie, en voor groep II de letter G (gassen, dampen of nevels) en/of D (stof), plus alle informatie die essentieel is voor een veilig gebruik (bijlage II, punt 1.0.5). Producten die voor een specifieke explosieve atmosfeer zijn ontworpen, worden dienovereenkomstig gemarkeerd (art. 16, lid 5). Instructies moeten elk apparaat en beveiligingssysteem vergezellen met ten minste de inhoud van bijlage II, punt 1.0.6, in een taal die eindgebruikers gemakkelijk begrijpen, zoals bepaald door de lidstaat (art. 6, lid 8, en bijlage II, punt 1.0.6).
Verplichtingen per rol
Fabrikanten ontwerpen en vervaardigen overeenkomstig de eisen van bijlage II, stellen de documentatie en de verklaring of het attest op, brengen de CE-markering en de explosieveiligheidsmarkering aan, bewaren de documenten gedurende 10 jaar, houden de serieproductie conform, testen steekproefsgewijs en houden een klachtenregister bij waar de risico’s dit rechtvaardigen, markeren het product met een identificatie en hun naam en adres, verstrekken instructies en veiligheidsinformatie in de vereiste taal, nemen corrigerende maatregelen en informeren de autoriteiten over risico’s, en werken op verzoek mee (art. 6). Gemachtigden handelen op grond van een mandaat dat ten minste het bewaren van de documenten en het samenwerken met autoriteiten moet dekken, en kunnen geen ontwerp- of documentatieverplichtingen overnemen (art. 7). Importeurs brengen uitsluitend conforme producten op de markt, controleren het werk van de fabrikant, voegen hun eigen naam en adres toe, zorgen voor instructies in de vereiste taal, beschermen het product bij opslag en vervoer, testen steekproefsgewijs waar de risico’s dit rechtvaardigen, nemen corrigerende maatregelen en bewaren de verklaring of het attest gedurende 10 jaar (art. 8). Distributeurs controleren de CE-markering, documenten, taal en markeringen voordat zij een product op de markt aanbieden, beschermen het bij opslag en vervoer en zien erop toe dat corrigerende maatregelen worden genomen (art. 9). Importeurs en distributeurs die onder hun eigen merk verkopen of een product wijzigen, worden fabrikant (art. 10), en elke marktdeelnemer identificeert zijn leveranciers en klanten gedurende 10 jaar (art. 11).
Noodprocedures vanaf 30 mei 2026
Richtlijn (EU) 2024/2749 heeft hoofdstuk 5 bis ingevoegd. De artikelen 38 ter tot en met 38 sexies gelden alleen voor producten die als crisisrelevante goederen zijn aangewezen, alleen zolang een noodtoestand van de interne markt op grond van Verordening (EU) 2024/2747 actief is en alleen nadat de Commissie de bijbehorende uitvoeringshandeling heeft vastgesteld (art. 38 bis). Gedurende een dergelijke periode behandelen aangemelde instanties aanvragen voor de genoemde producten met voorrang (art. 38 ter), mag een lidstaat het op de markt brengen toestaan van een genoemd product waarvoor de procedures van de aangemelde instantie niet zijn doorlopen maar waarvan de conformiteit met bijlage II is aangetoond zoals in de toelating is bepaald, die de Commissie tot de hele Unie kan uitbreiden en die de CE-markering vervangt door een aanduiding als crisisrelevant goed (art. 38 quater), mag de Commissie normen vermelden of gemeenschappelijke specificaties vaststellen die een vermoeden van conformiteit geven wanneer geharmoniseerde normen ontbreken of niet kunnen worden gebruikt (art. 38 quinquies), en geven de lidstaten prioriteit aan markttoezicht op de genoemde producten en verlenen zij elkaar bijstand (art. 38 sexies).
Handhaving en sancties
Artikel 34 maakt artikel 15, lid 3, en de artikelen 16 tot en met 29 van Verordening (EG) nr. 765/2008 van toepassing op de producten die onder de richtlijn vallen; Verordening (EU) 2019/1020 heeft die artikelen met ingang van 16 juli 2021 geschrapt en vermeldt de richtlijn in bijlage I, zodat de toezichtgrondslag wordt gelezen als Verordening (EU) 2019/1020 (Verordening (EU) 2019/1020, art. 39, lid 1, punt 4, art. 44 en bijlage I, punt 53). Wanneer een autoriteit voldoende reden heeft om aan te nemen dat een product een risico vormt voor de gezondheid of veiligheid van personen of voor huisdieren of eigendommen, beoordeelt zij het product, vereist zij corrigerende maatregelen, terugtrekking of terugroeping binnen een met het risico evenredige termijn, informeert zij de betrokken aangemelde instantie en, indien de marktdeelnemer niet handelt, verbiedt of beperkt zij het op de markt aanbieden, trekt zij het product terug of roept het terug en informeert zij de Commissie en de andere lidstaten (art. 35). Conforme producten die nog steeds een risico vormen, kunnen op dezelfde wijze worden behandeld (art. 37), en de Commissie beslist over betwiste nationale maatregelen via de vrijwaringsprocedure van de Unie (art. 36). Formele non-conformiteit, zoals een ontbrekende of onjuist aangebrachte CE-markering, een ontbrekende of onjuist aangebrachte explosieveiligheidsmarkering, groeps- en categoriesymbolen of nummer van de aangemelde instantie, een ontbrekende of onjuiste conformiteitsverklaring of conformiteitsattest, onvolledige technische documentatie of ontbrekende identificatie- en adresinformatie, moet worden beëindigd en leidt anders tot beperking, verbod, terugtrekking of terugroeping (art. 38).
De sancties worden nationaal vastgesteld: de lidstaten stellen doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties vast voor inbreuken op hun omzettingswetten, die strafrechtelijke sancties kunnen omvatten voor ernstige inbreuken (art. 40). In Denemarken wordt de richtlijn uitgevoerd door uitvoeringsbesluit nr. 484 van 28 mei 2026 over producten voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen, van kracht sinds 30 mei 2026, dat uitvoeringsbesluit nr. 811 van 3 juni 2022 heeft vervangen (§ 53), waarbij het besluit van 2022 de eerdere afzonderlijke besluiten voor elektrische en voor andere ATEX-producten had samengevoegd, en dat de noodprocedures van Richtlijn (EU) 2024/2749 omzet (§§ 40 tot en met 49). Het is uitgevaardigd krachtens de Deense productwet (lov om produkter og markedsovervågning, geconsolideerd als LBK nr. 22 van 8 januari 2026), die de richtlijn vermeldt in § 2, lid 1, nr. 3, en Erhvervsstyrelsen (de Deense ondernemingsautoriteit) in § 9 aanwijst als controleautoriteit. Sikkerhedsstyrelsen, sinds januari 2026 onderdeel van Erhvervsstyrelsen, controleert sinds 1 december 2018 alle producten onder de richtlijn, toen zij de niet-elektrische producten overnam van Arbejdstilsynet. Het besluit staat Erhvervsstyrelsen toe formele non-conformiteit binnen een termijn te laten corrigeren (§ 38) en bestraft inbreuken met een boete, oplopend tot gevangenisstraf tot twee jaar in verzwarende omstandigheden zoals gevaar voor de veiligheid of gezondheid, een ongeval met ernstig letsel of overlijden, herhaalde of stelselmatige inbreuk voor financieel gewin of ontwijking van controle, met een verjaringstermijn van vijf jaar en aansprakelijkheid voor ondernemingen (§ 52). Aangemelde instanties voor de richtlijn worden door Erhvervsstyrelsen aangewezen op basis van DANAK-accreditatie (§ 39).
Hoe Conphora helpt
Conphora monitort de ATEX-richtlijn en de geharmoniseerde normen ervan en brengt uw producten in kaart tegen de essentiële gezondheids- en veiligheidseisen, en signaleert hiaten in de toekenning van groep en categorie, de conformiteitsbeoordelingsroute, de technische documentatie, de EU-conformiteitsverklaring of het conformiteitsattest en de CE- en explosieveiligheidsmarkering voordat deze tot handhavingsproblemen leiden. Het platform helpt u de documentatie en de gegevens van 10 jaar op te bouwen en te bewaren, combineert de ATEX-verklaring met de verklaringen die hetzelfde product onder andere Uniehandelingen nodig heeft, en waarschuwt u wanneer een norm of de richtlijn wijzigt.
Bekijk hoe Conphora werkt · Bekijk plannen en tarieven
Bronnen
- Richtlijn 2014/34/EU betreffende apparaten en beveiligingssystemen bedoeld voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen, geconsolideerde tekst van 30 mei 2026 (EUR-Lex)
- Richtlijn 2014/34/EU zoals gepubliceerd in PB L 96, 29 maart 2014 (EUR-Lex)
- Documentinformatie, data en verbanden voor CELEX 32014L0034 (EUR-Lex)
- Richtlijn (EU) 2024/2749 betreffende noodprocedures voor de conformiteitsbeoordeling en het markttoezicht van producten (EUR-Lex)
- Verordening (EU) 2019/1020 betreffende markttoezicht en conformiteit van producten, artikel 4 en bijlage I (EUR-Lex)
- Verordening (EU) 2016/425 betreffende persoonlijke beschermingsmiddelen, artikel 46 tot intrekking van Richtlijn 89/686/EEG (EUR-Lex)
- Richtlijn 1999/92/EG, de werkplekrichtlijn betreffende explosieve atmosferen (EUR-Lex)
- Apparaten voor plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen (ATEX), met inbegrip van de ATEX-richtsnoeren (Europese Commissie, DG GROW)
- Bekendtgørelse nr. 484 af 28. maj 2026 om produkter til anvendelse i en potentielt eksplosiv atmosfære (Retsinformation)
- Bekendtgørelse af lov om produkter og markedsovervågning, LBK nr. 22 af 8. januar 2026 (Retsinformation)
- Kontrol med ATEX-produkter (Sikkerhedsstyrelsen, Erhvervsstyrelsen Markedsovervågning)
- Sikkerhedsstyrelsen, en del af Erhvervsstyrelsen vanaf januari 2026 (Sikkerhedsstyrelsen)
Deze gids is bedoeld voor algemene informatie en vormt geen juridisch advies.