TPED in eenvoudige taal
De richtlijn vervoerbare drukapparatuur (TPED), formeel Richtlijn 2010/35/EU, is de EU-wetgeving voor de houders en tanks die gevaarlijke goederen onder druk vervoeren. Zij stelt gedetailleerde regels vast voor vervoerbare drukapparatuur om de veiligheid te vergroten en het vrije verkeer van dergelijke apparatuur binnen de Unie te waarborgen (art. 1, lid 1). Wat haar onderscheidt van de andere drukwetgeving, is dat zij geen eigen technische vereisten bevat. Alles wat technisch is — constructie, testen, conformiteitsbeoordeling, technische documentatie, periodieke keuring, tussentijdse keuring, uitzonderlijke controles en de kwalificatie van keuringsinstanties — wordt bepaald onder verwijzing naar de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG betreffende het vervoer van gevaarlijke goederen over land, dat wil zeggen deel I.1 van bijlage I (de ADR voor het vervoer over de weg), deel II.1 van bijlage II (de RID voor het vervoer per spoor) en deel III.1 van bijlage III (de ADN voor het vervoer over de binnenwateren) (art. 2, punten 2 en 15 tot en met 22). Sinds Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2025/149 van de Commissie, die de lidstaten uiterlijk op 30 juni 2025 moesten toepassen, verwijzen die delen naar de ADR, RID en ADN zoals van toepassing met ingang van 1 januari 2025, zodat de actuele technische inhoud meeloopt met de internationale cyclus terwijl het richtlijnnummer hetzelfde blijft.
De richtlijn verving Richtlijn 1999/36/EG van de Raad, vastgesteld op 29 april 1999 als een eerste stap naar meer vervoersveiligheid voor deze apparatuur, en stemde haar af op zowel Richtlijn 2008/68/EG, die de internationale overeenkomsten had uitgebreid tot het nationale verkeer, als op het gemeenschappelijke afzetkader van Besluit nr. 768/2008/EG (overwegingen 1 tot en met 6). Zij werd vastgesteld op 16 juni 2010, bekendgemaakt in PB L 165 op 30 juni 2010 en trad in werking op 20 juli 2010; de lidstaten moesten haar uiterlijk op 30 juni 2011 omzetten, en Richtlijn 76/767/EEG, 84/525/EEG, 84/526/EEG, 84/527/EEG en 1999/36/EG — vijf handelingen in totaal — werden met ingang van 1 juli 2011 ingetrokken (art. 39, art. 42 en art. 43). Richtlijn (EU) 2024/2749 voegde hoofdstuk 5 bis over noodprocedures toe, van kracht sinds 28 november 2024 en toegepast door de lidstaten vanaf 30 mei 2026 (Richtlijn (EU) 2024/2749, art. 3, art. 11 en art. 12).
Officiële tekst Lees de richtlijn op EUR-Lex: geconsolideerde tekst van 30 mei 2026 (CELEX 02010L0035-20260530), die Richtlijn (EU) 2024/2749 en de rectificatie van 2025 bevat; de oorspronkelijke handeling (CELEX 32010L0035) en de documentinformatiepagina vermelden de wijziging en de intrekking van de vijf eerdere richtlijnen. De technische vereisten staan in de geconsolideerde tekst van Richtlijn 2008/68/EG.
Toepassingsgebied
Vervoerbare drukapparatuur betekent twee families hardware. De eerste is alle drukhouders, met hun kleppen en andere accessoires waar van toepassing, zoals bedoeld in hoofdstuk 6.2 van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG — de gasflessen en soortgelijke houders die de vervoersregels beheersen. De tweede is tanks, batterijvoertuigen en -wagons, gascontainers met meerdere elementen (MEGC’s), hun kleppen en andere accessoires waar van toepassing, zoals bedoeld in hoofdstuk 6.8 van die bijlagen. Beide tellen alleen mee wanneer de apparatuur overeenkomstig de bijlagen wordt gebruikt voor het vervoer van gassen van klasse 2, met uitzondering van gassen of voorwerpen met de cijfers 6 en 7 in de classificatiecode, en voor het vervoer van de gevaarlijke stoffen van andere klassen die in bijlage I bij de richtlijn zijn vermeld (art. 2, punt 1).
Bijlage I vermeldt zes UN-nummers buiten klasse 2: UN 1051 gestabiliseerd waterstofcyanide met minder dan 3 % water (klasse 6.1), UN 1052 watervrij waterstoffluoride (klasse 8), UN 1745 broompentafluoride (klasse 5.1), UN 1746 broomtrifluoride (klasse 5.1), UN 1790 fluorwaterstofzuur met meer dan 85 % waterstoffluoride (klasse 8) en UN 2495 joodpentafluoride (klasse 5.1); de vermeldingen voor UN 1745, UN 1746 en UN 2495 sluiten vervoer in tanks uit (bijlage I). De definitie trekt vervolgens haar eigen grenzen: gaspatronen van UN-nr. 2037 zijn inbegrepen, terwijl spuitbussen van UN-nr. 1950, open cryogene reservoirs, gasflessen voor ademhalingsapparatuur, brandblussers van UN-nr. 1044, apparatuur vrijgesteld overeenkomstig 1.1.3.2 van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en apparatuur vrijgesteld van de regels voor de constructie en het testen van verpakkingen overeenkomstig bijzondere bepalingen in 3.3 van die bijlagen zijn uitgesloten (art. 2, punt 1).
Artikel 1, lid 2, beschrijft vervolgens drie situaties die de richtlijn bestrijkt, en die tellen even zwaar als de hardware. Zij is van toepassing op nieuwe apparatuur die niet de conformiteitsmarkeringen van Richtlijn 84/525/EEG, 84/526/EEG, 84/527/EEG of 1999/36/EG draagt, met het oog op het op de markt aanbieden ervan; op apparatuur die de markeringen van deze richtlijn of van die vier draagt, met het oog op de periodieke keuringen, tussentijdse keuringen, uitzonderlijke controles en het gebruik ervan; en op apparatuur die niet de markeringen van Richtlijn 1999/36/EG draagt, met het oog op herbeoordeling van de conformiteit. Zij is niet van toepassing op apparatuur die vóór de datum van omzetting van Richtlijn 1999/36/EG op de markt is gebracht en die niet is herbeoordeeld, noch op apparatuur die uitsluitend wordt gebruikt voor het vervoer van gevaarlijke goederen tussen lidstaten en derde landen overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn 2008/68/EG (art. 1, leden 3 en 4). Apparatuur die geen vervoerbare drukapparatuur is, valt elders onder: Richtlijn 2014/68/EU betreffende drukapparatuur sluit apparatuur die onder Richtlijn 2008/68/EG en 2010/35/EU valt, uit van haar eigen toepassingsgebied, zodat stationaire vaten, leidingen en samenstellen onder de richtlijn drukapparatuur vallen en eenvoudige gelaste vaten voor lucht of stikstof onder Richtlijn 2014/29/EU (Richtlijn 2014/68/EU, art. 1, lid 2, punt s).
De verplichtingen rusten op zes soorten actoren. Fabrikant, gemachtigde, importeur en distributeur vormen de bekende keten, maar de richtlijn voegt de eigenaar toe, iedere in de Unie gevestigde persoon die de apparatuur bezit, en de exploitant, iedere in de Unie gevestigde persoon die haar gebruikt, waarbij gebruik betekent vullen, tijdelijke opslag in verband met vervoer, ledigen en hervullen (art. 2, punten 5 en 8 tot en met 13). Alle zes zijn marktdeelnemers wanneer zij handelen in het kader van een commerciële of openbare dienstverleningsactiviteit, al dan niet tegen betaling (art. 2, punt 14), en een importeur of distributeur die apparatuur onder zijn eigen naam of merk op de markt brengt, of reeds op de markt gebrachte apparatuur zodanig wijzigt dat de conformiteit erdoor kan worden beïnvloed, wordt beschouwd als fabrikant (art. 10). De lidstaten mogen ter plaatse eisen stellen voor opslag op middellange of lange termijn of gebruik ter plaatse, maar mogen geen eisen toevoegen voor de apparatuur zelf (art. 3).
Wat u moet doen
Conformiteitsbeoordeling aan de hand van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG
Fabrikanten moeten ervoor zorgen dat apparatuur bij het op de markt brengen is ontworpen, vervaardigd en gedocumenteerd overeenkomstig de vereisten van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en de richtlijn (art. 4, lid 1), en de door die bijlagen gespecificeerde technische documentatie bewaren gedurende de daarin gespecificeerde termijn (art. 4, lid 3). Nieuwe apparatuur onder artikel 1, lid 2, punt a), moet voldoen aan de relevante vereisten van die bijlagen en de hoofdstukken 3 en 4 van de richtlijn voor conformiteitsbeoordeling, periodieke keuring, tussentijdse keuring en uitzonderlijke controles; apparatuur onder artikel 1, lid 2, punt b), die reeds een conformiteitsmarkering draagt, moet voldoen aan de specificaties van de documentatie waarmee zij is vervaardigd en binnen het keuringsregime blijven (art. 12, leden 1 en 2). Certificaten van conformiteitsbeoordeling en van herbeoordeling van de conformiteit en rapporten van periodieke keuringen, tussentijdse keuringen en uitzonderlijke controles die door een aangemelde instantie zijn afgegeven, zijn geldig in alle lidstaten, en voor afneembare onderdelen van herbruikbare apparatuur mag een afzonderlijke conformiteitsbeoordeling worden uitgevoerd (art. 12, lid 3).
De pi-markering
Apparatuur die de conformiteitsbeoordeling heeft doorstaan, draagt de pi-markering, die de conformiteit aangeeft met de toepasselijke conformiteitsbeoordelingsvereisten van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en de richtlijn (art. 2, punt 16). Zij wordt alleen aangebracht door de fabrikant of, bij herbeoordeling, zoals bepaald in bijlage III, en voor gasflessen die eerder voldeden aan Richtlijn 84/525/EEG, 84/526/EEG of 84/527/EEG, door of onder toezicht van de aangemelde instantie; zij mag alleen worden aangebracht op apparatuur die aan die vereisten of aan de herbeoordelingsvereisten van artikel 13 voldoet, en op geen andere apparatuur (art. 14, leden 1 en 2). Door haar aan te brengen of te laten aanbrengen, neemt de fabrikant de verantwoordelijkheid voor de conformiteit van de apparatuur met alle toepasselijke vereisten op zich, en voor de toepassing van de richtlijn is zij de enige markering die die conformiteit bevestigt (art. 14, leden 3 en 4). Markeringen, tekens en opschriften die derden kunnen misleiden over de betekenis of vorm van de pi-markering zijn verboden, en elke andere markering moet de zichtbaarheid, leesbaarheid en betekenis ervan intact laten (art. 14, lid 5). Afneembare onderdelen van herbruikbare apparatuur met een directe veiligheidsfunctie moeten zelf van een pi-markering worden voorzien (art. 14, lid 6).
De uitwerking staat in artikel 15. De markering bestaat uit het symbool in de vorm van artikel 15, lid 1, met de verhoudingen van de gegradueerde tekening gerespecteerd en het raster dat geen deel uitmaakt van de markering; de minimale hoogte is 5 mm, of 2,5 mm voor apparatuur met een diameter van 140 mm of minder. Zij wordt zichtbaar, leesbaar en duurzaam aangebracht op de apparatuur of het gegevensplaatje ervan en op afneembare veiligheidsonderdelen, voordat de apparatuur of die onderdelen op de markt worden gebracht, en wordt gevolgd door het identificatienummer van de bij de eerste keuringen en tests betrokken aangemelde instantie, aangebracht door die instantie of, op haar instructies, door de fabrikant. De datum van een periodieke of, in voorkomend geval, tussentijdse keuring gaat vergezeld van het identificatienummer van de daarvoor verantwoordelijke aangemelde instantie, en wanneer gasflessen die eerder voldeden aan Richtlijn 84/525/EEG, 84/526/EEG of 84/527/EEG geen pi-markering dragen, voegt de eerste periodieke keuring onder deze richtlijn deze vóór dat nummer toe (art. 15, leden 2 tot en met 8).
Periodieke keuring, tussentijdse keuring en uitzonderlijke controles
Periodieke keuring, tussentijdse keuring en uitzonderlijke controle worden elk gedefinieerd als de gelijknamige procedure van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG (art. 2, punten 18, 19 en 20), zodat de intervallen en methoden die van de vervoersregels zelf zijn. Aangemelde instanties voeren ze uit overeenkomstig de voorwaarden van hun aanmelding en die procedures (art. 26, lid 1). Het praktische gevolg voor een onderneming staat in de artikelen 8 en 9: een eigenaar die meent of redenen heeft om aan te nemen dat apparatuur niet conform is met die bijlagen, met inbegrip van de vereisten voor periodieke keuring, mag haar niet op de markt aanbieden of gebruiken totdat zij in overeenstemming is gebracht, en een exploitant mag alleen conforme apparatuur gebruiken (art. 8, lid 1, en art. 9, lid 1). Een houder buiten een geldig keuringsinterval kan dus niet rechtmatig worden gevuld of gebruikt totdat zij opnieuw is gekeurd.
Herbeoordeling van de conformiteit
Herbeoordeling van de conformiteit is de procedure die op verzoek van de eigenaar of exploitant wordt ondernomen voor apparatuur die vóór de datum van omzetting van Richtlijn 1999/36/EG is vervaardigd en op de markt is gebracht (art. 2, punt 17, en art. 13), en bijlage III beschrijft haar stap voor stap. De eigenaar of exploitant verstrekt aan een aangemelde instantie van type A die voldoet aan EN ISO/IEC 17020:2004 en is aangemeld voor herbeoordeling, de informatie waarmee de instantie de apparatuur nauwkeurig kan identificeren — herkomst, ontwerpregels en, voor acetyleenflessen, gegevens over het poreuze materiaal — met inbegrip van, waar passend, eventuele voorgeschreven gebruiksbeperkingen en eventuele opmerkingen over mogelijke schade of uitgevoerde reparaties (bijlage III, punt 2). De instantie beoordeelt, op basis van die informatie en waar passend verdere keuringen, of de apparatuur ten minste hetzelfde veiligheidsniveau biedt als apparatuur bedoeld in de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG (bijlage III, punt 3). Is het resultaat bevredigend, dan ondergaat de apparatuur de in die bijlagen bedoelde periodieke keuring; wordt daaraan voldaan, dan wordt de pi-markering aangebracht door of onder toezicht van de voor de periodieke keuring verantwoordelijke aangemelde instantie, gevolgd door haar identificatienummer, en geeft die instantie een certificaat van herbeoordeling af met de identificatie van de betrokken instanties, de naam en het adres van de eigenaar of exploitant, de identificatiegegevens met inbegrip van serienummers en de datum van afgifte (bijlage III, punten 4 en 6).
Wanneer drukhouders in serie zijn vervaardigd, mogen de lidstaten de herbeoordeling van individuele houders, met inbegrip van hun kleppen en andere accessoires, toestaan door een voor periodieke keuring aangemelde instantie, mits het type is beoordeeld door een voor herbeoordeling verantwoordelijke instantie van type A en een certificaat van typeherbeoordeling is afgegeven; dat certificaat moet de vermelding dragen dat het niet de vervaardiging van vervoerbare drukapparatuur of onderdelen daarvan toestaat (bijlage III, punten 5 en 7). Door de pi-markering aan te brengen of te laten aanbrengen, geeft de eigenaar of exploitant aan dat hij de verantwoordelijkheid neemt voor de conformiteit van de apparatuur met alle toepasselijke vereisten zoals die gelden op het moment van herbeoordeling (bijlage III, punt 8). In Denemarken is het Erhvervsstyrelsen dat de vereenvoudigde route voor in serie vervaardigde houders mag toestaan (uitvoeringsregeling nr. 483/2026, § 5).
Aangemelde instanties
Een aangemelde instantie is een keuringsinstantie die voldoet aan de vereisten van de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en de voorwaarden van de artikelen 20 en 26, aangemeld overeenkomstig artikel 22 (art. 2, punt 24). Zij moet zijn opgericht naar nationaal recht en rechtspersoonlijkheid bezitten, en zij moet deelnemen aan, of haar beoordelingspersoneel informeren over, de relevante normalisatiewerkzaamheden en de werkzaamheden van de sectorale coördinatiegroep en de administratieve besluiten en documenten van die groep als algemene richtsnoeren toepassen (art. 20, leden 3 en 4). Een bevoegde autoriteit in de zin van die bijlagen mag zelf een aangemelde instantie zijn, mits zij aan de vereisten voldoet en niet ook als aanmeldende autoriteit optreedt (art. 20, lid 2). De aanvraag om aanmelding wordt ingediend bij de aanmeldende autoriteit van de lidstaat van vestiging en moet de activiteiten voor conformiteitsbeoordeling, periodieke keuring, tussentijdse keuring, uitzonderlijke controle en herbeoordeling beschrijven, evenals de procedures, de apparatuur waarvoor aanmelding wordt gevraagd en een accreditatiecertificaat van een nationale accreditatie-instantie waarin wordt verklaard dat de instantie voldoet aan artikel 20 (art. 21). De Commissie en de andere lidstaten worden geïnformeerd via het elektronische instrument van de Commissie, de instantie mag alleen optreden als binnen twee weken geen bezwaren worden geuit, en interne keuringsdiensten van de aanvrager kunnen niet worden aangemeld (art. 22). De Commissie kent één enkel identificatienummer toe, ook wanneer de instantie uit hoofde van meerdere Uniehandelingen is aangemeld, en publiceert en houdt de lijst van onder de richtlijn aangemelde instanties actueel (art. 23). Een door één lidstaat aangemelde instantie mag in alle lidstaten werken, waarbij de aanmeldende autoriteit de toezichtsverantwoordelijkheid behoudt (art. 26, lid 3). In Denemarken moeten aangemelde instanties rechtspersonen zijn die in Denemarken zijn gevestigd, door DANAK voor de betrokken taak zijn geaccrediteerd en voldoen aan de artikelen 20, 21, 26, 27 en 29; Erhvervsstyrelsen wijst hen aan, DANAK beoordeelt en houdt toezicht op hen, en klachten tegen hun beslissingen gaan binnen 4 weken naar Erhvervsstyrelsen (uitvoeringsregeling nr. 483/2026, § 6 en § 10).
Verplichtingen per rol
Fabrikanten ontwerpen, vervaardigen en documenteren volgens de bijlagen, laten de conformiteitsbeoordeling uitvoeren, brengen de pi-markering aan, bewaren de technische documentatie, nemen corrigerende maatregelen en informeren de autoriteiten wanneer apparatuur een risico vormt, documenteren elk zodanig geval, beantwoorden gemotiveerde verzoeken in een taal die de autoriteit begrijpt en verstrekken exploitanten alleen conforme informatie (art. 4). Gemachtigden treden op onder een mandaat dat de ontwerp-, vervaardigings-, documentatie- of markeringsverplichtingen niet kan omvatten en dat ten minste het bewaren van de technische documentatie, het beantwoorden van gemotiveerde verzoeken en de samenwerking met de autoriteiten moet dekken; hun identiteit en adres staan op het conformiteitscertificaat (art. 5). Importeurs verifiëren de conformiteitsbeoordeling, de technische documentatie, de pi-markering en het conformiteitscertificaat van de fabrikant voordat zij apparatuur op de markt brengen, voegen hun contactgegevens toe op of bij dat certificaat, beschermen de conformiteit tijdens opslag en vervoer, bewaren een kopie van de technische documentatie en nemen corrigerende maatregelen (art. 6). Distributeurs verifiëren de pi-markering, het conformiteitscertificaat en het contactadres van de importeur voordat zij apparatuur op de markt aanbieden, beschermen haar tijdens opslag en vervoer en zien erop toe dat corrigerende maatregelen worden genomen (art. 7). Eigenaars mogen apparatuur waarvan zij menen dat deze niet conform is, niet op de markt aanbieden of gebruiken, ook niet wat periodieke keuring betreft, en beschermen de conformiteit tijdens opslag en vervoer (art. 8); exploitanten mogen alleen conforme apparatuur gebruiken en moeten de eigenaar en de autoriteiten informeren over een risico (art. 9). Artikel 8 is niet van toepassing op particulieren die apparatuur gebruiken voor persoonlijk of huishoudelijk gebruik of voor vrijetijds- of sportactiviteiten (art. 8, lid 4). Elke marktdeelnemer moet op verzoek van de markttoezichtautoriteit zijn leveranciers en zijn afnemers gedurende ten minste 10 jaar identificeren (art. 11).
Noodprocedures sinds 2026
Richtlijn (EU) 2024/2749 voegde hoofdstuk 5 bis in. De maatregelen ervan gelden alleen als de Commissie een uitvoeringshandeling heeft vastgesteld uit hoofde van artikel 28 van Verordening (EU) 2024/2747 voor vervoerbare drukapparatuur, alleen voor apparatuur die als crisisrelevant goed is aangewezen uit hoofde van artikel 18, lid 4, van die verordening en alleen tijdens een geactiveerde noodtoestand voor de interne markt, waarbij artikel 33 quater, lid 7, van toepassing blijft nadat de noodtoestand is verstreken of gedeactiveerd (art. 33 bis). Aangemelde instanties behandelen dan aanvragen voor die apparatuur bij voorrang, ongeacht of zij vóór of na activering zijn ingediend, zonder onevenredige extra kosten voor de fabrikanten, en spannen zich redelijkerwijs in om hun testcapaciteit te verhogen (art. 33 ter). Een lidstaat mag, op een naar behoren gemotiveerd verzoek van een marktdeelnemer, het op zijn grondgebied op de markt brengen toestaan van specifieke vermelde apparatuur waarvoor de procedures voor aangemelde instanties niet zijn doorlopen, maar waarvan de conformiteit met de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en de richtlijn is aangetoond overeenkomstig de procedures in de machtiging; de Commissie wordt onmiddellijk geïnformeerd en stelt een uitvoeringshandeling vast die de machtiging Uniebreed uitbreidt, waarna de apparatuur de informatie moet dragen dat zij als crisisrelevant goed op de markt wordt gebracht, duidelijk en in een taal die consumenten en andere eindgebruikers gemakkelijk begrijpen zoals de lidstaat bepaalt (art. 33 quater, leden 1 tot en met 4). Fabrikanten en importeurs verklaren de conformiteit onder hun eigen verantwoordelijkheid, de machtiging bepaalt de aantoningsprocedures, de traceerbaarheidsvereisten, een einddatum die niet verder mag gaan dan de noodtoestand, doorlopende conformiteitsbeoordelingsvereisten en de maatregelen bij het einde van de noodtoestand, dergelijke apparatuur draagt geen pi-markering en artikel 16 is er niet op van toepassing, en markttoezichtautoriteiten behouden hun volledige corrigerende en beperkende bevoegdheden uit hoofde van Verordening (EU) 2019/1020 (art. 33 quater, leden 5 tot en met 8). Markttoezicht voor de vermelde apparatuur wordt geprioriteerd, gecoördineerd via het Uniaal netwerk voor productconformiteit, met de grootste inspanningen voor wederzijdse bijstand, met inbegrip van deskundigenteams en testcapaciteit (art. 33 quinquies). In Denemarken verleent Erhvervsstyrelsen de machtigingen, informeert zij de Commissie en de andere lidstaten en geeft zij prioriteit aan toezicht, en moeten de informatie en etikettering in het Deens of het Engels zijn (uitvoeringsregeling nr. 483/2026, § 7 en § 8).
Handhaving en sancties
De artikelen 16 en 30 verwijzen nog steeds naar Verordening (EG) nr. 765/2008, waarvan hoofdstuk III, de artikelen 15 tot en met 29, met ingang van 16 juli 2021 is geschrapt bij Verordening (EU) 2019/1020, en artikel 39, lid 2, van Verordening (EU) 2019/1020 bepaalt dat verwijzingen naar de geschrapte bepalingen van Verordening (EG) nr. 765/2008 gelden als verwijzingen naar de verordening en worden gelezen overeenkomstig de concordantietabel in bijlage III daarvan: het artikel 20 van Verordening (EG) nr. 765/2008 waarnaar artikel 30, lid 1, van de richtlijn verwijst, is nu artikel 19 van de verordening, en het artikel 21 waarnaar zij verwijst voor corrigerende maatregelen is nu artikel 18. Dat de richtlijn als punt 37 van bijlage I wordt vermeld, is wat haar in de eerste plaats binnen het markttoezichthoofdstuk van de verordening brengt (Verordening (EU) 2019/1020, art. 39, leden 1 en 2, bijlage I punt 37 en bijlage III). Wanneer de autoriteiten van een lidstaat hebben opgetreden uit hoofde van de markttoezichtregels of voldoende redenen hebben om aan te nemen dat apparatuur een risico vormt voor de gezondheid of veiligheid van personen of voor andere aspecten van de bescherming van het algemeen belang, beoordelen zij haar aan alle vereisten van de richtlijn, met de marktdeelnemers die waar nodig samenwerken, met inbegrip van toegang tot bedrijfsruimten en monsters; voldoet zij niet, dan verlangen zij corrigerende maatregelen, het uit de handel nemen of terugroepen binnen een redelijke termijn die evenredig is met het risico, en informeren zij de betrokken aangemelde instantie (art. 30, lid 1). Is de niet-naleving niet beperkt tot hun grondgebied, dan informeren zij de Commissie en de andere lidstaten; handelt de marktdeelnemer niet, dan nemen zij voorlopige maatregelen die het op de markt aanbieden verbieden of beperken, de apparatuur uit de handel nemen of terugroepen en stellen zij hen daarvan in kennis, met vermelding of de niet-naleving te wijten is aan een gebrek van de apparatuur of aan tekortkomingen in de normen of technische voorschriften bedoeld in de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG (art. 30, leden 2 tot en met 6). Een maatregel waartegen geen enkele lidstaat of de Commissie binnen twee maanden bezwaar maakt, wordt geacht gerechtvaardigd te zijn (art. 30, lid 7). Bezwaren leiden tot de vrijwaringsprocedure van de Unie, waarbij de Commissie beslist of de nationale maatregel gerechtvaardigd is, in welk geval alle lidstaten de apparatuur uit de handel nemen, en anders trekt de lidstaat zijn maatregel in (art. 31). Conforme apparatuur die toch een risico vormt, kan op dezelfde manier worden behandeld (art. 32), en formele niet-naleving — een pi-markering die in strijd met de artikelen 12, 13, 14 of 15 is aangebracht, een ontbrekende pi-markering, technische documentatie die niet beschikbaar of niet volledig is, of enig verzuim om te voldoen aan de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en de richtlijn — moet worden beëindigd, bij gebreke waarvan de apparatuur wordt beperkt, verboden, teruggeroepen of uit de handel genomen (art. 33).
Sancties zijn nationaal. Artikel 14, lid 7, verplicht de lidstaten de correcte uitvoering van de regels voor de pi-markering te waarborgen, op te treden tegen oneigenlijk gebruik en te voorzien in sancties voor inbreuken, die strafrechtelijke sancties voor ernstige inbreuken kunnen omvatten en evenredig moeten zijn met de ernst van het delict en een doeltreffende afschrikking tegen oneigenlijk gebruik moeten vormen. De richtlijn is ook punt 15 van bijlage II bij Verordening (EU) 2019/1020, de wetgeving zonder sanctiebepalingen, zodat artikel 41 van die verordening de algemene verplichting toevoegt om doeltreffende, evenredige en afschrikkende sancties vast te stellen voor inbreuken die verplichtingen aan marktdeelnemers opleggen. In Denemarken voert uitvoeringsregeling nr. 483 van 28 mei 2026 de richtlijn uit door haar als bijlage 1 over te nemen en bestraft zij met een boete, tenzij een hogere straf verschuldigd is op grond van andere wetgeving, inbreuken op § 4 ervan, op § 7, stk. 3, over de Deense of Engelse informatie en etikettering van crisisrelevante goederen en op de bepalingen van bijlage 1, en het niet naleven van beslissingen, bevelen en verboden, met ondernemingsaansprakelijkheid uit hoofde van hoofdstuk 5 van het wetboek van strafrecht (uitvoeringsregeling nr. 483/2026, § 11). De productwet vermeldt de richtlijn in § 2 als productgebied nr. 6, wijst Erhvervsstyrelsen aan als toezichthoudende autoriteit en voorziet in bevelen om gebruikers te waarschuwen en misleidende reclame te doen staken, verboden, en bevelen om te verhelpen, de verkoop te staken, uit de handel te nemen, terug te roepen of te vernietigen, en boetes. De markeringsbepaling van de productwet (§ 15) bestrijkt alleen de CE-markering, die vervoerbare drukapparatuur niet draagt; een pi-markering die in strijd met de artikelen 12 tot en met 15 is aangebracht, is in plaats daarvan een inbreuk op bijlage 1 bij de uitvoeringsregeling, strafbaar met een boete uit hoofde van § 11, stk. 1, nr. 1, daarvan, en de toezichthoudende autoriteit treedt op via de algemene bevelen en verboden van § 14 en § 16 van de productwet. De uitvoeringsregeling zelf voorziet alleen in boetes (§ 11). De eigen sanctiebepaling van de productwet kan oplopen tot gevangenisstraf van ten hoogste 2 jaar bij verzwarende omstandigheden — gevaar voor veiligheid of gezondheid, een ongeval met ernstig letsel of overlijden tot gevolg, herhaling of systematische inbreuken uit winstbejag — maar alleen voor de delicten vermeld in § 37, lid 1, nr. 1, en nr. 3 tot en met 10, dat wil zeggen inbreuken op de eigen productvereisten van de wet, op de verplichting om de toezichthoudende autoriteit informatie en toegang te verstrekken en op haar beslissingen, voor productgebieden die vallen onder § 2, lid 1, nr. 1 tot en met 11 of nr. 13 tot en met 43; vervoerbare drukapparatuur is productgebied nr. 6 en valt dus binnen die bandbreedte. Zij strekt zich niet uit tot inbreuken op de eigen regels van de uitvoeringsregeling, en de punten die berusten op artikel 4 en artikel 5 van Verordening (EU) 2019/1020 kunnen hier niet worden toegepast, omdat de richtlijn niet op de lijst van artikel 4, lid 5, staat (LBK nr. 22/2026, § 2, stk. 1, nr. 6, § 9, § 14, § 15, § 16 en § 37; uitvoeringsregeling nr. 483/2026, § 11; Verordening (EU) 2019/1020, art. 4, lid 5). Sikkerhedsstyrelsen voert sinds 1 december 2018 de controle op vervoerbare drukapparatuur uit en is sinds januari 2026 de afdeling Markedsovervågning van Erhvervsstyrelsen, terwijl de eigen richtsnoeren van de toezichthoudende autoriteit voor drukapparatuur vermelden dat Arbejdstilsynet de markttoezichtautoriteit blijft voor op bestelling gemaakte drukapparatuur en drukvaten en voor apparatuur die uit derde landen wordt ingevoerd voor offshore olie- en gasactiviteiten uit hoofde van de offshoreveiligheidswet. Die richtsnoeren zijn geschreven voor drukapparatuur en drukvaten, niet voor vervoerbare drukapparatuur, waarvan het toepassingsgebied wordt bepaald door de ADR- en RID-bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG en die geen categorie ‘op bestelling gemaakt’ kent; voor vervoerbare drukapparatuur kan alleen het offshore-onderdeel van toepassing zijn. Die splitsing verloopt via § 9, lid 2, van de productwet, op grond waarvan de autoriteit die toezicht houdt op andere wetgeving over specifieke risico’s voor bepaalde producten de bevoegde toezichthoudende autoriteit is; uitvoeringsregeling nr. 483 van 28 mei 2026 vermeldt Arbejdstilsynet helemaal niet, en de productwet noemt haar niet voor dit productgebied (LBK nr. 22/2026, § 9, stk. 1 en 2; uitvoeringsregeling nr. 483/2026; Sikkerhedsstyrelsen, regels- en toezichtpagina’s; Erhvervsstyrelsen, Sikkerhedsstyrelsen-pagina). De vervoersregels zelf — de ADR op de weg, de RID op het spoor en de ADN op de binnenwateren — worden gehandhaafd door de vervoers- en crisisbeheersingsautoriteiten en niet door de productautoriteit.
Gerelateerde gidsen
Hoe Conphora helpt
Conphora volgt Richtlijn 2010/35/EU, de bijlagen bij Richtlijn 2008/68/EG die ADR, RID en ADN bevatten, en de gedelegeerde richtlijnen die deze actualiseren, en de Deense uitvoeringsregelingen, en brengt uw vervoerbare drukapparatuur in kaart ten opzichte van de definitie van artikel 2, de stoffen van bijlage I, de uitzonderingen en de drie situaties van artikel 1, lid 2, waarbij lacunes worden gesignaleerd in de conformiteitsbeoordeling, het conformiteitscertificaat, de technische documentatie, de pi-markering en het nummer van de aangemelde instantie en de keuringsintervallen voordat zij handhavingsproblemen worden. Het platform helpt u de documentatie en de tienjarige leveranciers- en afnemersregistratie bij te houden, combineert het TPED-dossier met de andere verklaringen die dezelfde apparatuur mogelijk nodig heeft, en waarschuwt u wanneer de door Richtlijn 2008/68/EG aangehaalde versies van ADR, RID en ADN veranderen, wanneer een Deense uitvoeringsregeling verandert of wanneer een activering van een noodtoestand uw apparatuur raakt.
Bekijk hoe Conphora werkt · Bekijk abonnementen en prijzen
Bronnen
- Richtlijn 2010/35/EU betreffende vervoerbare drukapparatuur, geconsolideerde tekst van 30 mei 2026 (EUR-Lex)
- Richtlijn 2010/35/EU zoals bekendgemaakt in PB L 165 van 30 juni 2010 (EUR-Lex)
- Documentinformatie, data, rectificaties en verbanden voor CELEX 32010L0035 (EUR-Lex)
- Richtlijn 2008/68/EG betreffende het vervoer van gevaarlijke goederen over land, geconsolideerde tekst van 12 mei 2026 (EUR-Lex)
- Vervoer van gevaarlijke goederen over land, samenvatting van Richtlijn 2008/68/EG (EUR-Lex)
- Gedelegeerde Richtlijn (EU) 2025/149 van de Commissie (EUR-Lex)
- Richtlijn (EU) 2024/2749 betreffende noodprocedures voor conformiteitsbeoordeling, conformiteitsvermoeden, gemeenschappelijke specificaties en markttoezicht tijdens een noodtoestand voor de interne markt (EUR-Lex)
- Richtlijn 1999/36/EG van de Raad betreffende vervoerbare drukapparatuur, ingetrokken met ingang van 1 juli 2011 (EUR-Lex)
- Beschikking 2001/107/EG van de Commissie tot uitstel van de omzettingsdatum van Richtlijn 1999/36/EG voor drukvaten, cilinderbundels en tanks tot 1 juli 2003 (EUR-Lex)
- Beschikking 2003/525/EG van de Commissie tot uitstel van de omzettingsdatum van Richtlijn 1999/36/EG voor drukvaten, cilinderbundels en tanks tot 1 juli 2005 (EUR-Lex)
- Verordening (EU) 2019/1020 betreffende markttoezicht en conformiteit van producten (EUR-Lex)
- Databank van aangemelde instanties, Single Market Compliance Space (Europese Commissie)
- Bekendtgørelse nr. 483 af 28. maj 2026 om indretning m.v. af transportabelt trykbærende udstyr (Retsinformation)
- Bekendtgørelse nr. 685 af 10. juni 2013 om indretning m.v. af transportabelt trykbærende udstyr (Retsinformation)
- Bekendtgørelse af lov om produkter og markedsovervågning, LBK nr. 22 af 8. januar 2026 (Retsinformation)
- Regler for transportabelt trykbærende udstyr (Sikkerhedsstyrelsen, Erhvervsstyrelsen Markedsovervågning)
- Kontrol med transportabelt trykbærende udstyr (Sikkerhedsstyrelsen, Erhvervsstyrelsen Markedsovervågning)
- Sikkerhedsstyrelsen, en del af Erhvervsstyrelsen sinds januari 2026 (Erhvervsstyrelsen)
Deze gids bevat algemene informatie en vormt geen juridisch advies.